We deden een rondreis van twee weken door Albanië en bezochten vier totaal verschillende bestemmingen: de bruisende hoofdstad Tirana, de paradijselijke stranden van Ksamil, het middeleeuwse Berat en het afgelegen bergdorp Theth. Dit was onze route: met alle ervaringen, praktische tips en dingen die we achteraf anders zouden doen.
Wij reisden in september: een heerlijke periode om naar Albanië te gaan. De temperaturen waren nog hoog: meestal rond de dertig graden. Maar druk? Dat was het lang niet overal meer.
Bij het samenstellen van onze rondreis kwamen we al snel tot de conclusie dat we veel verschillende aspecten van Albanië wilden zien. Het stedelijke van Tirana, de middeleeuwse stadjes, de prachtige stranden én de bergen. Tijdens het voorbereiden ontdekte ik dan ook meteen het unieke van Albanië: de veelzijdigheid. En het mooie? Je kunt elk aspect in twee weken tijd meepakken zonder het gevoel te hebben dat je moet haasten.
Onze rondreis startte (en eindigde) in de hoofdstad Tirana. Dat was vooral een praktische overweging vanwege het vliegveld. Bij deze stad hadden we in het begin geen hoge verwachtingen. We ontdekten vooral dat het verkeer rampzalig is en moesten even wennen. We verbleven hier twee nachten en konden dus één volle dag de stad ontdekken.

Dat hebben we gedaan. Onze Airbnb zat vlakbij het centrum en daarmee bleek vrijwel elke populaire bezienswaardigheid op loopafstand te zijn. Onze favoriete spots heb ik in een ander artikel voor je op een rijtje gezet. Omdat de stad redelijk compact is en niet gigantisch groot kun je, als je doorstapt, in één dag heel veel zien. Wil je wat meer ontspannen, dan is twee dagen misschien beter.
Na onze dag in Tirana stapten we in onze huurauto om af te reizen naar het zuiden van Albanië. Vlak boven de grens met Griekenland ligt Ksamil. Een plaatsje waar we op internet ontzettend veel van hadden gezien en de foto’s beloofden prachtige stranden met geweldige zeeën.
In Ksamil verbleven we in ons favoriete guesthouse: Rida Village. Dit hotel bevond zich op tien minuten lopen van het dorp. Ideaal: de toeristische drukte konden we daarmee achter ons laten, maar de korte wandeling bleek telkens prima te doen. Ik noem de naam van het hotel niet omdat ik er iets voor krijg, maar omdat we echt groot fan zijn. Rida en haar man zorgen voor een onvergetelijke ervaring, hebben heerlijk eten en ook nog eens verstand van wijn. Toen was ik verkocht. Je betaalt er overigens wel voor, maar dat was voor ons goed te doen omdat de rest van de kosten tijdens onze reis redelijk beperkt bleven.
Ksamil staat bekend om haar prachtige zee en stranden, waar we vier dagen van hebben genoten. Wat er in Ksamil en omgeving allemaal te doen is hebben we opgeschreven in een ander blog. Maar een ding is zeker: als je van zon, zee en strand houdt én echt even tot rust wil komen: blijf hier dan lekker een paar dagen plakken.
Een paar uur noordelijker ligt het prachtige Berat, onze derde bestemming van de rondreis, waar we twee volledige dagen verbleven. Het stadje ligt in het binnenland en totdat we Berat binnenreden vroegen we ons af waar we precies terechtkwamen. Maar eenmaal in Berat was dat gevoel totaal verdwenen. Ondanks dat Berat toeristisch is, kregen we hier echt het idee dat we een bijna perfecte combinatie vonden van de Albanese cultuur en toeristische invloeden.
Het stadje is werkelijk waar prachtig. Er zijn heerlijke ontbijttentjes en je kunt ook nog eens lekker slenteren langs het water. Het uitzicht op de ‘duizend ramen’, waar Berat om bekendstaat, is imposant. Zeker als je de klim maakt naar het kasteel van Berat, waar het uitzicht echt impressive is. Ja, onder de volle zon en dertig graden is dat best even zweten. Maar het is het meer dan waard. En moet je even zitten, dan zijn er ook bovenop die heuvel genoeg plekken om lekker te lunchen of wat te drinken.

We bleven in totaal twee dagen in Berat: dat is in principe genoeg, omdat het stadje niet enorm is en je vrij snel alles gezien kunt hebben. Wil je langer, dan kun je wellicht nog meer uitstapjes maken naar bijvoorbeeld de omliggende gebergtes of wijngaarden. Dat hebben wij niet gedaan.
Vanuit Berat zijn we naar Theth gereden. Een reis waar we eigenlijk best tegenop zagen. Albanië kent geen snelwegen, dus hoewel het aantal kilometers niet enorm is, doe je over een relatief korte rit toch lang. Daar komt bij dat je het laatste uur naar Theth over de SH21 moet rijden: een kronkelend bergweggetje waarvan voor ons onduidelijk was hoe goed deze te rijden was.
In de praktijk bleek die zorg niet nodig: onze bevindingen heb ik opgeschreven in een artikel over de SH21 naar Theth. Je doet er wel goed aan om voordat je de bergen in rijdt te tanken en ervoor te zorgen dat je boodschappen hebt. In Theth kun je die niet goed doen.
Theth is een prachtig dorpje in een dal van de Albanese Alpen. Hier heb je geweldige toppen, prachtige hikes en wandelroutes, mooie hotels. Kortom: hou je van de bergen, dan mag je Theth écht niet missen. Verder geldt wel dat het dorpje in de middle of nowhere ligt. Geld pinnen kan nog net, maar een supermarkt is er bijvoorbeeld niet, al heb je wel een mini-market.
Je moet hier eigenlijk alleen komen als je ook van wandelen houdt. Wij hadden ons hier wel wat op verkeken: als je niet de hele dag wil wandelen, ben je op Theth snel uitgekeken. Dat komt ook omdat er in het dorpje, los van hotels en een enkel restaurant, niet veel te zien is. Wel is het de moeite waard om naar het prachtige kerkje van Theth te gaan. Doe dat vroeg op de dag, zodat het nog niet enorm druk is.
Na drie dagen in Theth zijn we teruggegaan naar Tirana. Hier hebben we nog een nacht geslapen in een Airbnb op een halfuurtje lopen van het centrum. We zaten in een nieuwbouwwijk die nog niet op Google Maps stond. Dat zorgde voor veel frustraties tijdens het rijden, wat al een tikkeltje chaotisch is in Tirana (understatement, haha).
Onze vlucht op de laatste dag vertrok pas laat, rond 20.00 uur. En dus zijn we overdag nog naar het centrum van Tirana gewandeld om lekker wat te eten en de spots te zien die we tijdens de eerste keer nog gemist hadden of juist nog een keer wilden zien.
Er zijn nog veel meer plekken om te bezoeken in Albanië, maar wij hebben een heerlijke rondreis van twee weken gehad, waarbij we voor ons gevoel echt veel van het land hebben gezien. Vergeet niet dat het autorijden ook onderdeel is van het avontuur: zeker in Albanië, omdat de natuur vrijwel overal prachtig is. Zo reden we vanuit Ksamil een schitterende panoramaroute langs de kust. Kortom, doe je voordeel met onze ervaringen en kijk gerust of er nog meer plekken zijn waar jij echt naartoe wilt.